Het leven is (soms) klote

Dinard1Er zijn zo van die dagen. Het ene droeve bericht na het andere. Bij het eerste slik je even en je moet alweer vooruit, de plicht roept – weet je wel! Maar na drie onheilstijdingen op één voormiddag hield ik het gisteren voor bekeken.

Heeft het met ouder worden te maken of is het een kwestie van pech, ik weet het niet. Maar er gaat geen dag meer voorbij zonder nieuws over ernstige ziektes en overlijdens in onze naaste omgeving. Tantes en nonkels, vrienden, buren, kennissen … En dan heb ik nog het geluk – ik durf het haast niet schrijven – dat mijn ouders nog in leven en in redelijk goede gezondheid zijn, dat mijn kinderen, kleinkinderen en mijn zus het goed stellen. Want o wee als hen iets raakt!

Tot nu toe was ik niet bang voor de dood. Wel voor de dood van andere mensen, maar niet voor mijn eigen dood. Ik kan me zelfs levendig voorstellen dat oude en zieke mensen naar de dood verlangen omdat die bevrijding brengt. Tot ik me gisterenavond realiseerde dat mijn overlijden anderen verdriet gaat doen. Maar dat is dan ook het enige wat mij aan de dood afschrikt.

Ziekte, daar ben ik bang voor. En dan bedoel ik een levensbedreigende of levensbeperkende ziekte, waardoor je afhankelijk wordt van anderen en niet meer voor jezelf kan zorgen, laat staan voor anderen.

Ik wil mijn vrijheid niet verliezen door een ziekte die mij treft, ik wil niemand tot last zijn. Vandaar wellicht de lichte paniek bij de ongemakken waar ik de laatste weken en maanden mee te maken krijg. Ongemakken die in het niets verdwijnen vergeleken bij de ziektes die anderen om me heen treffen. Maar die me toch wel ongerust maken, omdat ze ernstige gevolgen kunnen hebben als ik niet goed voor mezelf zou zorgen.

Zo maalt het in mijn hoofd tijdens slapeloze nachten. Nachten met wolkbreuken en onweersbuien.  Nachten waarin ik me afvraag waar wij mensen mee bezig zijn? We rennen rond als kippen zonder kop, we vergeten te genieten of we hebben geen tijd om er voor elkaar te zijn. We leven in een trieste wereld.

61 jaar heb ik erover gedaan om me dit te realiseren: geluk vult meestal slechts één moment, verdriet het hele leven.

Logeertip in Pays des Collines : ’t Contrast

Net over de taalgrens ten westen van Ronse, recht tegenover de kerk in het dorpje Russeignies (Henegouwen) baten Nadine en Jan B&B ‘t Contrast uit.

Aanvankelijk was het hun bedoeling de ruime dorpswoning te verbouwen tot een buitenverblijf, maar het viel allemaal een beetje anders uit.  Nadine en Jan namen hier in augustus 2015 definitief hun intrek. Het pand was bovendien groot genoeg om naast een privé leefruimte, ook vier gastenkamers met zithoek, keuken en ontbijthoek te voorzien.

tContrast1

En daar bovenop nog eens een grote zaal die naar gelang de vraag en de omstandigheden wordt gebruikt als vergaderzaal of atelier. Het is in deze ruime hobbykamer dat Nadine ook haar workshops geeft: juwelen rijgen, werken met klei en/of zilverklei, keramiek. Ze maakt en verkoopt ook juwelen, geboortegeschenken, aquarellen, poppen in papier-maché, enz.

Deze diashow vereist JavaScript.

Dat Jan een handige harry is en dat Nadine artistieke talenten heeft, zoveel staat vast. Daarvan is hun B&B het sprekende bewijs.

B&B

De vier kamers zijn ingericht met oog voor detail. Elke kamer is verschillend van inrichting, van kleur, van sfeer. De materialen en de decoratie zijn met zorg gekozen, veel oude spullen kregen hier een nieuw leven. Bij de vele oude foto’s in prachtige kaders, bij sommige meubeltjes en zelfs bij de wastafel in de badkamer van de blauwe kamer bijvoorbeeld hoort een apart verhaal – soms omdat ze tweedehands zijn, soms omdat ze uit de huizen zijn gehaald waar Jan of Nadine als kind woonden of op bezoek kwamen.

Jan en Nadine gaven deze herinneringen uit vorige levens, foto’s van (over)grootouders, oudtantes en ooms, maar ook recent beeldmateriaal een plaatsje in hun B&B. Geen strakke muren of koude materialen, maar kussens, boekenkasten en kerkstoeltjes. Het voelt een beetje als thuiskomen in de gezelligheid van een ver verleden.

Elke kamer heeft een eigen badkamer, de grootste heeft zelfs een infraroodsauna.

De B&B kan ook gehuurd worden door groepen, die dan meteen ook gebruik mogen maken van de ingerichte keuken.

Ontbijt en andere voorzieningen

In ’t Contrast wordt je als gast hartelijk ontvangen. Al je wensen kunnen worden besproken en worden – zo mogelijk – ook ingewilligd. Hoe laat je wil ontbijten en of er daarbij speciale voorkeuren zijn? Wij kregen een koninklijk ontbijt voorgeschoteld met alles erop en eraan, alles stond klaar op het uur dat wij hadden voorgesteld, een hele tafel vol voor ons twee. Jan vroeg hoe we onze eitjes het liefst aten en ging er meteen mee aan de slag. Er werd niet gevraagd of er koffie of thee gewenst was, er stond zowel een koffiekan als een theepot op de ontbijttafel.

De hele dag door zijn frisdranken en verschillende biertjes te verkrijgen. Voor wie eventjes in de (voor de gasten aparte) tuin wil verpozen met een boek en een drankje, of in de knusse zithoek waar ook een televisie en een CD-speler vrij mogen worden gebruikt. Er is zelfs een kleine bibliotheek.

'ContrastZithoek2

Tijdens een verblijf in de gastenkamers kan eveneens een creatieve workshop worden geboekt voor een of meerdere (namid)dagen. Finse sauna en fietsverhuur zijn mogelijk op aanvraag. In de eetruimte staan mappen boordevol leaflets en brochures met evenementen en bezienswaardigheden in de buurt, kaarten voor fiets- en wandeltochten, enz.  Nadine en Jan adviseren je graag bij het plannen van je uitstappen en zoek je bijvoorbeeld een adres voor een gezellig etentje, dan krijg je niet enkel tips en advies, maar reserveren gastheer of gastvrouw met plezier een tafeltje voor jou.

Omgeving

tContrastOmgevingRusseignies ligt aan de voet van de Kluisberg, het Muziekbos ligt aan de andere kant van Ronse. De talrijke heuvels van de Vlaamse Ardennen en het Pays des Collines liggen op wandel- of fietsafstand.

Steden in de nabije omgeving zijn Ronse, Oudenaarde, Kortrijk, Doornik en Bergen.

Evenementen

Ter gelegenheid van de Ronde van Vlaanderen en andere voorjaarsklassiekers, de Fiertelommegang van Ronse, de Omloop van Kluisbergen en andere sportieve evenementen in de buurt, kunnen speciale arrangementen worden geboekt in ‘t Contrast. Het parcours van veel van deze koersen en ommegangen loopt immers door het centrum van Russeignies of in de omliggende straten en op die dagen moet je snel zijn om een kamer te kunnen boeken.

Info

Alle informatie over de B&B en over de workshops en extra foto’s kan je vinden op de website van ’t Contrast.

Afscheid van Johan

We wisten het al een hele tijd: dit komt niet meer goed, dit eindigt met de dood. Maar zoals jij bleef vechten tegen jouw ziekte, werd ook bij ons de twijfel groot. Ook al wisten wij beter, elke keer lieten wij ons door jou overtuigen dat het weer in orde komen zou. Maar je hebt je strijd gestreden en eigenlijk nog onverwacht liet jij het leven los. Zacht, stil, eenvoudigweg. Zoals jij was.

Ik dacht: ik heb al veel vrienden verloren, ook dit kan ik wel aan. Maar nu besef ik: er zijn vrienden en vrienden. Er zit gradatie in vriendschap. En daar schrok ik van. Wat een pijn, wat een verdriet, ik kan aan niets anders denken. Het is een rauwe spijt om woorden die niet zijn gezegd, om de laatste belofte die ik niet meer kan waarmaken, om het afscheid dat geen afscheid is geweest. Verdriet om het verdriet van Roseline, Peter en Sarah, om je kleinzoontjes die je nu al moeten missen, veel te vroeg. Verdriet om de vele plannen die wij vieren nog samen hadden. Het is allemaal voorbij.

Je koos een mooie dag om te gaan, een koude wintermiddag met volop zon. Een blauwe hemel. Ook terwijl ik dit in tranen schrijf, schijnt de zon door mijn raam. Ik heb foto’s zitten kijken, van de vele uitstappen en reisjes die wij vieren hebben gemaakt, van de leuke momenten bij elkaar thuis, van de feestjes die we al die jaren samen vierden.

Nu kan ik al weer een beetje glimlachen als ik aan jou denk. Uit dankbaarheid om die vele jaren vriendschap, om het besef dat wij ons gelukkig mogen prijzen dat we jou als vriend mochten hebben. Niet iedereen heeft het geluk in zijn leven iemand als jij te ontmoeten.

Ik koester de vele herinneringen. De korte sms’jes die zo veelzeggend waren, zoals: apero? Onze gemeenschappelijke interesses wat muziek en cultuur betreft, onze babbels over wat er in de wereld gebeurt, onze belangstelling voor de herdenking van de oorlogen, onze etentjes en kroegentochten, het vertellen over de kinderen en kleinkinderen die ons zo nauw aan het hart liggen, onze jaarlijkse uitstap naar de Gentse Feesten, … Ik schrijf het op zoals het me te binnen schiet. We moeten dankbaar zijn voor zoveel mooie momenten. Maar net daarom doet het ook zoveel pijn.

Je hebt mijn vriendin veel gelukkige jaren gegeven en ook daar zijn we jou dankbaar voor. Het is een cliché dat de beste koppels vroegtijdig door ziekte en overlijden uit elkaar worden gehaald, maar een cliché is al te dikwijls de pijnlijke waarheid.

Ik weet dat je niet gelooft in god en in de hemel. Maar als iemand hier op aarde zijn hemel heeft verdiend, dan ben jij het wel. Je leeft in elk geval verder in ons hart en in onze gedachten. Wij zullen hier zorg dragen voor jouw Roseline en we zullen Emiel en Guust heel veel over jou vertellen.

Dag Johan, wij houden nog altijd zielsveel van jou!

Ik mis je – Herman Van Veen Een liedje ten afscheid, voor jou.

De magie van Kerst

kindjes-op-kerstavond-2015

Katholiek of diepgelovig zijn heeft er nog maar weinig meer mee te maken. Ik zag het evolueren van een christelijk feest naar een commercieel feest. Maar als ik er nu op terugkijk, was kerstavond enkele keren een mijlpaal in mijn leven.

Mijn eerste herinnering gaat terug tot een kerstavond bij mijn grootmoeder. Ik kan toen hoogstens vijf of zes jaar oud zijn geweest, want mijn zus was nog niet geboren. Ik vermoed dat het in 1962 was. Terwijl meetje aan de kookpot stond, viel de elektriciteit uit. In die tijd gebeurde dat met de regelmaat van de klok. Meestal werd dat nogal vlug hersteld, maar die kerstavond duurde het een paar uren. Alle buren kwamen op straat, er werd doorgegeven tot waar de panne reikte en dat bleek een groot deel van het dorp te zijn, misschien wel het hele dorp of tot ver daarbuiten. Ik herinner me nog haarfijn de sfeer van die avond. Eerst de complete duisternis, daarna gingen we de straat op om bij de buren kaarsen te gaan lenen. Nooit is er in Heusden zoveel volk op straat gekomen op een kerstavond. Later die avond zaten we met zijn allen aan tafel bij het licht van één kaars. Die magische sfeer blijft me mijn hele leven bij.

Ronny en ik waren nog niet zo heel lang samen, maar hij stond erop dat ik kerstavond met zijn familie zou vieren. Hij vroeg dat één week op voorhand … dus moest alles in recordtempo “officieel” worden gemaakt, want ik moest mijn ouders uitleggen waarom ik niet met hen zou vieren. Nog nooit voelde ik me zo bekeken en gekeurd als die avond. Als grap hadden ze mij een vork en mes gegeven die plooiden als je ze wou gebruiken. Ik had niet door dat het een grap was en probeerde zo goed en zo kwaad als het ging met dat rare bestek te eten, het duurde lang eer ik door had waarom iedereen aan tafel zoveel plezier had. Die avond had ik ook voor het eerst in heel mijn leven het gevoel dat ik nog nooit iemand zo graag had gezien.

Kerst 1979. Ronny zijn moeder was eerder die maand overleden. Waar ik twee jaar voordien voor het eerst bij haar te gast was geweest, zat ik nu aan dezelfde tafel als gastvrouw.

Kerst 1980. Mijn eerste kerst als moeder. Behoeft geen verdere uitleg.

Kerst 2006. We zaten met onze kinderen aan het kerstdiner, toen we het gevreesde telefoontje kregen. Milan, het vier jaar oude zoontje van mijn nicht, was die avond thuis overleden na een maandenlang gevecht tegen kanker. Hij had zo naar het feest, zíjn kerstfeest, uitgekeken en had net dat moment gekozen om te gaan, omringd door zijn naaste familieleden. Ook onze jongste schoondochter bracht slecht nieuws: bij haar broer was een hersentumor vastgesteld die niet operatief kon worden verwijderd. Een kerst die ons altijd zal bijblijven, evenals de gevoelens van verdriet, machteloosheid en zelfs boosheid.

Kerst 2016. Deze kerst staat in het teken van onze kinderen en kleinkinderen. De broer van onze schoondochter is vorige maand overleden, ten gevolge van zijn hersentumor. Hij was de peter van de enige dochter van zijn zus en deze kerst nam ik het meterschap van hem over. In ons dialect noemen ze dat “meetje lap”. Onlangs nam ik Lisa mee naar het toneel en voortaan hebben we dit als gemeenschappelijke hobby.

De oudste kleindochter gaf dit weekend haar eerste concertje op viool met de muziekschool, een gebeurtenis die ik ook voor geen geld wou missen. Laure, haar naam betekent zon en zij was het eerste zonnetje in ons leven als grootouders. Met de oudste kleinzoon Rune heb ik de liefde voor het lezen gemeen, ik herken bij hem de gretigheid naar boeken. Ik kijk ernaar uit om hem later met mijn lievelingsboeken te laten kennis maken. Met de jongste kleinzoon deel ik tot nu toe enkel nog maar knuffels en gekke spelletjes, ik ben benieuwd of ik ook met hem gemeenschappelijke interesses zal hebben. En dan is er nog ons vijfde kleinkind, een kleindochter die in de lente zal worden geboren en die voorlopig het koosnaampje “Zulma” kreeg van Ronny. Tot nu toe weet enkel haar onlangs overleden nonkel Damir hoe haar echte naam zal zijn.  Voor ons is zij voorlopig Zulma, wat betekent: “vrede, hemels”, het meisje van de hemelse vrede.

Ik wens deze kerst aan iedereen een Zulma om naar uit te kijken.

Eindejaar blues

Precies twee jaar geleden werd ons leven overhoopgehaald, op de dag dat Ronny een beroerte kreeg.

Twee jaar later nu. Voor de buitenwereld zijn de gevolgen niet echt zichtbaar meer of toch eerder miniem. Voor ons is het nog bijna elke dag een confrontatie met wat nog net kan en wat niet meer kan. We zijn nog volop bezig ermee te leren leven. En dat lukt de ene dag al beter dan de andere, zowel voor hem als voor mij.

De sfeer en tradities van eindejaar zijn sindsdien voor ons nooit meer hetzelfde, ze zijn verkleurd door wat we toen meemaakten. Nooit meer wens ik iemand zomaar “een gelukkig nieuwjaar en een goede gezondheid” toe, die woorden hebben voor mij terug hun ware naakte betekenis gekregen. Een goede gezondheid is goud waard, is gewoonweg onbetaalbaar. Het mooiste wat je iemand kan wensen.

Daarom krijg ik het steeds maar moeilijker met het hele commerciële gedoe rond eindejaar, de dure etentjes en de obligate dure geschenken. De geest van Kerstmis gaat over vrede en liefde, over samenzijn en aandacht voor elkaar. In de kerstperiode steken we vele lichtjes aan om de duisternis te verdrijven. Letterlijk en figuurlijk. Want voor veel mensen is dit een donkere periode. Wie ziek of eenzaam is, heeft het nu nog ietsje zwaarder dan in andere periodes van het jaar.

Ik ging deze voormiddag op cadeautjesjacht. Althans, dat was het plan. Wie me kent weet dat ik niet echt van shoppen hou. Al verandert dat wel enigszins als er geschenkjes moeten worden gezocht om onder de kerstboom te leggen voor wie ons dierbaar is.

Er is eigenlijk maar één soort winkels waar ik graag vertoef … boekenwinkels. Niet toevallig kwam ik deze morgen in het winkelcentrum van Dok Noord terecht, daar was een literair aperitief gepland waar vijf auteurs hun recente werken kwamen voorstellen. Wat hou ik ervan mensen te horen vertellen hoe en waarom ze schrijven, waarover ze schrijven, wat hun drijfveren zijn.

“Wie wil schrijven, moet eerst leven”, zei Gentse stadsdichter David Troch. Geldt dat niet voor alles, en voor sommigen onder ons ook in omgekeerde richting? Want als je wordt gehinderd om te leven zoals jij het wil, door ziekte of pijn of verdriet of wat dan ook, dan lukt het ook niet om te functioneren (om te schrijven bijvoorbeeld) en deel te nemen aan de mallemolen van het leven. Het is net van die mallemolen dat ik af en toe wil afstappen, om even op adem te komen. En hoe kan dat beter dan met een goed boek in een knus hoekje? Een gedroomde vlucht uit de jachtigheid en de dagelijkse jacht van deze tijden vol stress.

Aan al mijn vrienden en medemensen die ziek of eenzaam zijn, wens ik dat ze in deze kerstdagen door warmte en vriendschap worden omringd. Dat ik af en toe voor hen als een boek mag zijn, waarmee ze in een hoekje gaan zitten om alle verdriet en pijn heel eventjes te vergeten en stil te genieten van een verhaallijn met een happy end.

Zalig eindejaar!

Na de CVA: mijn eerste reis alleen – een grote stap

We hadden dus beslist dat we de draad terug zouden opnemen. Maar de draad van vroeger is er niet meer. We moeten een volledig nieuwe start nemen, een andere manier van samen leven vinden. Samen reizen zit er voorlopig niet meer in, toch niet de reizen met een druk programma, zoals deze met de VIFF. Die kan Ronny niet meer aan, hij kan misschien wel één dag van ’s morgens tot ’s avonds op stap gaan, een museum of stad  bezoeken, maar dan zou hij de volgende dag(en) moeten uitrusten. En dan nog, zelfs één dag mee stappen met ons, constant aandacht hebben voor alles wat er te zien is, het zou zowel fysiek als mentaal te veel van hem vergen.

Toen de uitnodiging voor de Ierlandreis met de VIFF in de bus viel, besloot ik al snel dat we ook dit jaar niet mee zouden gaan, maar Ronny drong aan dat ik alleen mee zou reizen. Want wat als hij ook volgend jaar en het jaar daarna ook nog niet fit zou zijn om op deze manier te reizen? Zou ik dan ook thuisblijven? Bovendien waren/zijn die reizen vooral mijn interesse.

Met lood in de schoenen

Na lang beraad en veel twijfelen, hakte ik de knoop door en schreef ik me in, alleen.  Maar dat wilde nog niet zeggen dat ik al vertrokken was … Ik kan de keren dat ik de reis wou annuleren niet tellen op de vingers van één hand – zeg maar niet op al mijn vingers én tenen. Zelfs de dag voor het vertrek ging ik nog sterk aan het twijfelen toen de telefoon van Ronny zijn cardiologe kwam, die een extra onderzoek wou uitvoeren en dit niet al te lang wou uitstellen. Dit onderzoek werd gepland op 25 mei, al enkele dagen na mijn terugkeer.

Ik vertrok op donderdag 12 mei in de vroege ochtend, Ronny was ook voor dag en dauw opgestaan om me uit te wuiven. Ik had het gevoel dat ik op strafexpeditie vertrok in plaats van op reis, voelde me schuldig omdat ik mijn man alleen liet. We waren de afgelopen 18 maanden ook constant samen geweest, dag en nacht, bijna uur na uur. In Zaventem dacht ik zelfs nog aan terugkeren, tot het moment dat ik was ingecheckt: het point of no return.

Zalige reis

Die eerste namiddag in Dublin was ik in gedachten nog altijd thuis en dat duurde tot de volgende ochtend. Toen had ik Ronny al een drietal keer gebeld en hoorde ik dat hij het goed stelde. Hij had een demofiets die hem heel erg beviel, een elektrische driewieler. Hij vertelde honderduit hoe hij ermee rondreed in Melle: naar de bakker, naar de markt. Hij had zelfs plannen om ermee buiten Melle te gaan rijden, op bezoek bij de kleinkinderen. Dat was voor mij het sein dat ik me niet schuldig mocht voelen, maar “moest” genieten van deze reis.

En het werd een mooie reis … De schoonheid ervan zat in de details, de “petites histoires” die dit zo’n uitzonderlijke belevenis maakten: de persoonlijke verhalen van onze gids Sean, het schitterende dubbelgesprek van Piet Chielens met Iers schrijver Dermot Bolger, de liederen en verhalen van de Ier Bobby Forest die enkele dagen met ons mee reisde, het horen van de levensverhalen van John Boyle O’Reilly en van Francis Ledwidge, de ontmoeting met de 90-jarige neef van Francis, de beklijvende getuigenissen van ex-terroristen James Greer en Don Browne die nu een vredesbeweging hebben opgestart …Om er nog maar enkele te noemen. Het zijn al deze afzonderlijke verhalen die de geschiedenis van een volk vormen. Ik heb er echt van genoten een stukje Ierland en Ierse geschiedenis te mogen ontdekken. Dit smaakt naar meer en ik heb zin om er nog meer over te weten te komen, er meer over te lezen, het verder te ontdekken.

Niet alleen deze persoonlijke ontmoetingen en het adembenemende Ierse landschap maakten deze reis bijzonder, ook het gevarieerde programma, maar vooral de reisgenoten. De term “vrienden” in de titel van VIFF (Vrienden van In Flanders Fields museum) is geen ijdel woord, ik voelde me meer dan welkom en genoot van de aandacht die de groep had voor mij.

IMG_2129

Terug thuis

Bij thuiskomst werd ik meteen geconfronteerd met de rauwheid van het leven: een nicht van mij was op jonge leeftijd overleden, de broer van onze schoondochter heeft slecht nieuws gekregen in zijn strijd tegen kanker, een van onze beste vrienden is terug aan chemo toe  …

Maar er was ook iets moois: het besef bij Ronny en bij mij dat we door eventjes afstand te nemen, nu zoveel dichter bij elkaar staan. Dit voelde ik al tijdens de laatste dagen in Ierland, nooit eerder hebben we zo’n lange telefoongesprekken gevoerd. De twijfels van de laatste maanden (dat ik enkel nog zijn verzorgster en huishoudster was) zijn verdwenen, ik voel weer liefde.

Waarom?

Waarom deel ik deze persoonlijke gevoelens op een blog? Ik voel me herboren en wil dit graag aan iedereen laten weten. Maar mensen luisteren niet altijd en ik ben niet de persoon die in een gesprek aandacht ga opeisen. Het is zo typisch als je van reis terugkeert bijvoorbeeld en mensen vragen hoe het is geweest, dat je maar een paar zinnen hoeft te zeggen en daarna ben je al aan het luisteren naar verhalen over hun vroegere reizen. Het is zo menselijk natuurlijk! Zelfs toen ik onlangs met heel goede vriendinnen had afgesproken en me verheugde om eventjes over mijn ervaringen te vertellen, kreeg ik niet de kans. Ik zeg het verkeerd: ik greep mijn kans niet. Iedereen had zoveel te vertellen … en er moet toch iemand luisteren.

Daarom dit schrijfsel, ik dring dit aan niemand op, maar hoop toch stilletjes dat een paar mensen het lezen, een lezend oog in plaats van een luisterend oor is voor mij even waardevol.

En mijn reisverslag zelf? Dat komt er nog wel de eerstkomende dagen of weken.

Ik sluit alvast af met een “Irish blessing”:

May your blessings outnumber
The shamrocks that grow
And may trouble avoid you
Wherever you go

 

Bange dagen op de afdeling Neurologie

(Vervolg aan NAH-dagboek)

Ronny moet drie dagen op de “stroke unit” blijven.

Na een slapeloze nacht, probeer ik hem op vrijdagmorgen al heel vroeg te bellen. Hij neemt zijn gsm niet op en pas achteraf maak ik me de bedenking dat het voor hem lastig zal zijn om alles met zijn linker hand te doen, wellicht kan hij niet eens telefoneren.

Er volgen twee dagen van heen-en-weer geloop. Elke middag van 3 tot 4 uur en elke avond van 19 tot 20 uur ga ik bij Ronny op bezoek. Tussendoor probeer ik “normale” dingen te doen, ik rijd naar het werk, doe boodschappen (toiletgerief en nieuw ondergoed, nieuwe pyjama’s voor Ronny), gewoon kwestie van iets omhanden te hebben. Ik neem zonder nadenken ook Ronny zijn pantoffels (slippers) mee naar het ziekenhuis. Hij kan daar natuurlijk niets mee doen, hij mag (kan) voorlopig niet uit het bed, hij zit aan diverse machines vast. Bovendien kan hij niet stappen, hij zegt dat hij amper op zijn benen kan staan als hij eventjes moet opstaan voor toilet of als zijn bed wordt opgemaakt.

Op vrijdagmiddag ga ik bij mijn oudste schoondochter eten en breng ik de twee oudste kindjes naar school. Ondertussen rijdt Katrien met de jongste naar de dokter, want die heeft zondag tijdens het sinterklaasfeestje bij ons thuis zijn beide handpalmen verbrand aan onze verwarming. Het was me het weekje wel.

Zaterdagnamiddag komt mijn zus met mij mee naar het universitair ziekenhuis en daarna brengt ze mij bij mijn jongste zoon en schoondochter, waar alle kinderen en kleinkinderen samen zijn om Lisa haar verjaardag te vieren. Zonder Pepe.

’s Avonds keer ik te voet terug naar het ziekenhuis, waar mijn auto nog geparkeerd staat, en ik ben nog maar eventjes bij Ronny als onze zonen daar ook samen aankomen. Ik weet niet hoe het komt, maar ik word heel emotioneel. Gelukkig kan ik de tranen inhouden tot ik thuis ben. In ons koude, lege huis waar enkel de poes een beetje warmte brengt door constant op mijn schoot of naast mij te liggen spinnen.

Ronny1

Zondagmorgen belt Ronny me zelf – de verpleegster heeft hem geholpen met zijn gsm. Hij mag na de middag naar een gewone ziekenkamer. We zijn allebei opgelucht.

De verhuis is echter drukker dan verwacht, Ronny ziet er moe uit. Zijn kamergenoot doet heel druk, maakt ruzie met twee vrouwen (ex en vriendin), hij loopt veel de kamer in en uit en belt constant. Elke keer als Ronny bijna in slaap valt, begint de man terug luid te praten. Er komt ook bezoek, ik had mijn schoonzus moeten beloven dat ik zou zeggen wanneer Ronny naar een “gewone” kamer zou verhuizen en dus bezoek mag ontvangen. Het is druk in de kleine kamer, met zoveel bezoek dat lang blijft zitten, ook al zijn er geen stoelen genoeg voor iedereen.

’s Avonds is Ronny doodop. Ik functioneer op adrenaline.

Op maandag- en dinsdagvoormiddag ga ik op de jongste kleinzoon passen, die niet naar de crèche mag met zijn verbrande handjes. ’s Middags breng ik hem naar de andere oma, vooraleer ik naar het ziekenhuis rijd. Op dinsdagmiddag krijg ik telefoon van Ronny: of ik onmiddellijk naar het UZ kan komen, iemand van de sociale dienst wil ons samen spreken.

Door files en het zoeken naar parking, ben ik laat, maar gelukkig nog net op tijd voor de afspraak met de sociale assistente, iemand van onze leeftijd. We hebben een goed gesprek, ze gaat positief adviseren om Ronny tijdens feestdagen naar huis te laten komen. Ze geeft me tips en raad me aan een ziekenhuisbed en enkele andere spullen te bestellen, zodat ik deze al in huis heb als Ronny een paar dagen naar huis zou mogen komen. Ze vraagt ook of wij haar toelating geven om een plaats te zoeken waar Ronny kan gaan revalideren. Dat kan in UZ Gent zijn, maar eventueel ook in een ander ziekenhuis … in het Gentse of elders. Ze spreekt ook over een revalidatieziekenhuis in Oostende, dat hoog aangeschreven staat. Mij is het om het even waar, als Ronny maar geholpen kan worden. Of ik het zie zitten om elke dag of toch enkele keren per week naar Oostende op bezoek te komen? Ik bedenk dat ik zelfs een onderkomen aan zee zou kunnen zoeken, voor de tijd dat Ronny in Oostende zou moeten verblijven. Nu maar duimen dat er vlug een plaats vrijkomt, om het even waar.

Ronny zijn buurman vertrekt naar huis, Ronny zelf moet naar een andere kamer verhuizen. Een kamer die hij zal delen met een parkinson patiënt, die ons (en vooral mij) volledig opeist

Ik ‘verstop’ me aan andere kant van het bed met een boek, maar die man houdt niet af.

Vermoeiend voor Ronny, hij gaat een lastige avond tegemoet

Op woensdagvoormiddag bel ik naar de mutualiteit en bestel onder andere een ziekenhuisbed en een rolstoel. Ik ga ‘s middags eten bij onze jongste schoondochter en tref na de middag Ronny alleen aan in zijn kamer. Zijn kamergenoot is ontslagen. Het doet goed om even alleen te zijn, een beetje rust en stilte te kunnen ervaren, eens alleen te zijn met ons twee. Ronny zijn zus en schoonbroer komen op bezoek en blijven de hele namiddag … Ondertussen krijg ik telefoons van mijn werk, ook daar moet ik dringend eens orde op zaken gaan stellen.

Die avond haal ik een slaatje in de zelfbediening van het ziekenhuis, het zal vanaf nu een gewoonte worden dat wij ’s avonds samen eten, Ronny en ik. Dan kan ik zijn boterhammen smeren en hem helpen bij het snijden, want hij heeft nog altijd geen controle over zijn rechter hand. Hij kan wel al enkele stapjes zetten, met steun uiteraard, maar het is een begin.

Op donderdagmorgen krijg ik een telefoontje van de mutualiteit dat men onderweg is met alles wat ik heb besteld. Ik maak plaats in de living en begin met een grondige poetsbeurt. Als de bel gaat, is alles netjes klaar. Amper een week geleden vertrokken wij samen naar het ziekenhuis, nu is onze living een ziekenkamer geworden. Het is enkel nog even wachten op de patient zelf.

’s Middags is er een eindejaarsetentje van mijn werk. Ronny belt mij dat ik me niet moet haasten om naar het ziekenhuis te komen, hij moet trouwens toch nog naar een onderzoek. Als ik later dan andere dagen op Ronny zijn kamer kom, is hij nog niet terug van het onderzoek. Hij heeft wel een nieuwe kamergenoot gekregen, gelukkig is het deze keer een rustige man.

Vrijdag bedenk ik me dat er nog veel mensen zijn die nog niet op de hoogte zijn van onze situatie. Ik zie het niet zitten om iedereen persoonlijk op de hoogte te brengen en telkens hetzelfde te moeten herhalen.

Ik stuur dan maar een mailtje:

Beste vriend(inn)en,

Dit is een mailtje met een vroege kerstwens. Maar er is meer.

Ik wil jullie laten weten dat Ronny vorige week is getroffen door een CVA, een herseninfarct. Hij vertoont verlammingsverschijnselen aan rechter been en rechter arm, zijn spreken en geheugen zijn (gelukkig) niet aangetast. Tot vorig weekend kon hij niet op zijn benen staan, maar nu lukt dat wel, hij kan zelfs al een klein eindje stappen. Gisteren zijn de laatste grote onderzoeken gebeurd, maandag hebben we een gesprek met de dokters en zullen we meer concreets weten. We hebben een aanvraag ingediend voor opname in een revalidatiecentrum, dit bij verschillende centra want alles bleek volzet. Van zodra er één van de aangeschreven centra een plaatsje vrij heeft, gaan we daar naartoe. Dat kan in Gent of Oostende zijn.

Wellicht mag Ronny met kerst eventjes naar huis. Ik ben niet bij de pakken blijven zitten en heb in onze living een elektrisch ziekenhuisbed geïnstalleerd, we hebben een rolstoel, looprek enz. klaar staan. Ik heb al onze (vooral mijn) afspraken voor de komende weken afgezegd en ik werk voorlopig niet – vanaf volgende week misschien van thuis uit (en dan enkel de dringende zaken).

Het was hier een donderslag bij heldere hemel … Vooral het besef dat alles nog véél erger had kunnen aflopen, heeft me een paar dagen de pedalen doen verliezen. Gelukkig is Ronny heel positief ingesteld, hij werkt enorm goed mee en kijkt elke dag uit naar nieuws ivm de revalidatie. Nu oefent hij ook elke dag hoor, met een team kinesisten, maar in een revalidatiecentrum zal dat intensiever zijn. Hij kan zijn rechter hand nu al een beetje gebruiken, hij oefent elke dag of hij al kan schrijven, maar dat lukt nog niet. Ook bij het eten heeft hij hulp nodig … We beseffen dat er veel geduld en veel tijd zal nodig zijn om volledig te herstellen.

Meer dan ooit besef ik nu dat gezondheid onze grootste schat is, op gelijke hoogte met vriendschap en liefde … We mogen ervaren dat we aan deze laatste waarden zeker geen gebrek hebben, onze kinderen en dichte familie geven enorm veel steun, we voelen ons heel graag gezien.

Samen met de kinderen en kleinkinderen hopen we dat we allen samen kerstavond thuis zullen kunnen vieren. Het wordt voor ons in elk geval een Kerst als nooit tevoren!

Ik houd jullie alleszins op de hoogte van de evolutie van Ronny zijn gezondheid. En voor de kerstdagen sturen wij jullie een warme knuffel!

Linda, 19 december 2014

(wordt vervolgd)